Dierenkliniek Ganzeweide is een praktijk waar u met uw huisdier terecht kunt voor alle voorkomende algemene veterinaire behandelingen, maar daarnaast ook voor meer specialistische (zgn.tweede-lijns) behandelingen

  Maandag 09:00 - 18:00               Dinsdag 09:00 - 18:00                 Woensdag 09:00 - 13:00                 Donderdag 09:00 - 18:00                   Vrijdag 09:00 - 18:00

 -          Behandeling volgens afspraak    Tel. 045 - 521 88 71          -

In mijn praktijk komen regelmatig honden en katten met afgesleten of afgebroken (hoek)tanden. De meest voorkomende oorzaak bij katten is een val van grotere hoogte, waardoor een tand afbreekt. Daarnaast komt bij katten een aantasting van hun tanden voor waardoor de tand zo erg achteruit gaat, dat hij uiteindelijk afbreekt. Bij honden zijn het bijten op (te) harde materialen zoals een steen, de spijlen van een stalen hek of het opvangen van een hard voorwerp de meest voorkomende oorzaken.

 

Afhankelijk van de zwaarte van de beschadiging, heeft een hond of kat pijn of ongemak. Is alleen een stukje emaille van de tand afgesprongen, dan is er slechts sprake van een schoonheidsfoutje. Voor verdere beschadiging van de tand moet wel gewaakt worden: bij beschadigd emaille ligt vaak een randje emaille bloot en zo kan sneller verdere slijtage optreden. Als dat wenselijk is (bijvoorbeeld bij een zogenoemde showhond) kan deze zogenaamde emaille-laesie gerepareerd worden. Er is dan vrijwel niets meer van de afwijking te zien. Een tandheelkundig georië;nteerde dierenarts kan op deze leasie een licht uithardende composietvulling aanbrengen.

 

 

Geïnfecteerd wortelkanaal

 

Bij een afgebroken tand komt tandbot (dentine) vrij te liggen. Ook de wortelkanaalholte (het pulpakanaal) kan bloot komen te liggen (zie tekening). In beide gevallen zal een afgebroken tand gevoelig zijn voor het dier. Als een wortelkanaal openligt, geeft dit aanzienlijk meer pijn (denk aan de kiespijn die we zelf kunnen hebben). In de praktijk worden we als dierenarts meestal geraadpleegd als het dentine reeds langere tijd blootligt, als de afslijting doorgaat totdat de pulpaholte is bereikt of als de pulpaholte (oftewel het wortelkanaal) al langere tijd geïnfecteerd is en een bruinzwarte kleur heeft.

 

Een blootliggend wortelkanaal zal in korte tijd leiden tot een pulpaontsteking, een zogenoemde pulpitis. Dat is een pijnlijke aandoening. Als de breuklijn door de dentinelaag loopt en er geen snelle afslijting meer plaatsvindt, kan het wortelkanaal behouden blijven. Er treedt meestal een donkere verkleuring op van het dentine door voedselinwerking. Men ziet dan een donkerbruin vlekje op het afgebroken vlak van de tand. Wanneer de afslijting verdergaat raakt spoedig ook het wortelkanaal geïnfecteerd. Bij een geïnfecteerde wortelkanaalholte (pulpitis) is het noodzakelijk ­ als men de tand wil behouden ­ om een wortelkanaalbehandeling uit te voeren. Een niet behandelde afgebroken tand met een wortelkanaalontsteking zal niet alleen een afwijkende vaalbruine kleur krijgen, maar gaat ook op den duur verloren door een ontsteking van de tandweefsels zelf en geeft mogelijk aanleiding tot een ontstekingsproces in de kaakholte. Het tandbot (dentine) wordt niet meer gevoed, verzwakt en zal bij grotere belasting gemakkelijker verder breken. Ook kan een veretteringsproces optreden via de ontstoken wortelpunt (apex) van de kaakholte waarin de tand staat. De tand zal dan uiteindelijk uitvallen. Ook ontstaat vaker een ontsteking aan de punt van de wortelpunt in de kaak, een zogenoemd wortelpuntabces (apexgranuloom) genoemd.

 

De wortelkanaalbehandeling (endodontie)

 

Zoals uit bovenstaande blijkt is voor het behoud van een tand die afgebroken is, een behandeling nodig. We hebben het hier dan uitsluitend over tanden die afgebroken zijn (of beschadigd) en waarbij de breuklijn boven het tandvlees verloopt. Dit is een kroonfractuur. Een diepe schuine fractuur(breuk), een zogenoemde kroonhalsfractuur, zal vaak aanleiding geven tot het trekken van een tand omdat deze meestal niet meer gered kan worden.

 

Er zijn twee mogelijke behandelingen bij een beschadigde tand waarbij de pulpaholte is betrokken. Bij een verse breuk van de tand waarbij de pulpaholte nog maar net (tot een dag) openligt, is de gehele pulpaholte vaak nog niet geïnfecteerd. De wortelkanaalholte kan dan verzegeld worden door een laagje calciumhydroxiede poeder. Hier bovenop kan een uithardende ’cementlaagje’ worden aangebracht, waarna een vulling van slijtvast, licht uithardend materiaal kan worden aangebracht. Het laagje calciumpoeder stimuleert het vormen van een laagje bot (dentine) als hoedje op de pulpaholte zodat deze weer mooi afgeschermd is. Zeker bij jonge honden die nog een zeer wijd wortelkanaal hebben en waarbij de tand nog uit moet groeien tot haar definitieve vorm is het van groot belang om zo spoedig mogelijk na een tandfractuur een pulpabehandeling uit te voeren. Alleen bij het behoud van de wortelkanaalholte zal de tand uit kunnen groeien tot haar definitieve vorm en sterkte.

 

Wanneer de pulpa echter al langere tijd blootligt, zal deze in zijn geheel geïnfecteerd zijn en zal voor het behoud van de tand een wortelkanaalbehandeling of endodontie noodzakelijk zijn.

 

Een endodontische behandeling bestaat uit de volgende stappen:

 

Het pulpaweefsel (bloedvaatjes en zenuwweefsel) wordt met speciale vijltjes geruimd. Het kanaaltje zelf wordt daarbij groter gemaakt om zo goed mogelijk al het geïnfecteerde weefsel weg te halen en gemakkelijker een wortelkanaalvulling te kunnen uitvoeren. Het wortelkanaal wordt gespoeld met een desinfectans (desinfecterend middel), hierna wordt het wortelkanaal gedroogd door lucht en fijne steriele papierstaafjes.

 

Na het drogen wordt de pulpaholte gevuld met een pasta en rubberen gutta perca staafjes; deze harden uit en verzegelen het wortelkanaal. Tevens stimuleert dit een dikkere dentinevorming in de pulpaholte. Als laatste wordt de tand voorbehandeld met een stof die de hechting van de uiteindelijke cosmetische vulling versterkt. De vulling wordt als een soort dikkere pasta aangebracht: na het modelleren wordt een speciale tandartslamp gebruikt die licht van een bepaalde golflengte uitzendt. Door deze lichtenergie hardt de pasta uit.

 

Als laatste stap kan de vulling met een zandschijfje op een roterend boortje worden bijgewerkt tot de gewenste gladheid en vorm. Door de grote hoeveelheden van kleurschakeringen van deze composietvullingen is het vaak moeilijk om te zien waar de tand precies gerepareerd is.

 

 

Waarschuwing

 

Ook na het aanbrengen van een slijtvaste vulling blijft waakzaamheid geboden ten aanzien van het kauwen of knagen aan harde materialen zoals een stalen hek of stenen. Geen enkele vulling of normale tand kan uiteindelijk weerstand bieden aan de grote kracht die daardoor op de tand wordt uitgeoefend. De vulling of de normale tand zal dan namelijk beschadigen of zelfs breken.